Erik Satie kennen we vandaag de dag vooral als de componist van fraaie dromerige miniatuurtjes als de Gymnopédies en de Gnossiennes. Tijdens zijn actieve carriére was Satie echter een kameleonitische figuur in het Franse muziekleven, wiens invloed tot diep in de 20e eeuw reikt. Claude Debussy, zijn generatiegenoot, was een warm voorvechter van de onorthodoxe muziek van Satie en Maurice Ravel stak niet onder stoelen of banken dat hij in hoge mate door hem was beïnvloed. Een hele groep Franse componisten die onder de naam Les Six bekend zouden worden, zagen in de eenvoud van Satie’s muziek het uitgangspunt voor hun stilistische ontwikkeling. In Satie’s oeuvre zijn drie hoofdlijnen te onderscheiden: die van de betrekkelijk luchtige pianowerken als de Gymnopédies, zijn latere, licht absurdistische werk vanaf ongeveer 1910 en een korte periode waarin de componist zich op het esoterische pad begaf. In dit programma staat deze laatste periode centraal.
Erik Satie stond open voor praktisch alles wat zijn pad kruiste. Zijn vroege interesse in muziek en pianolessen bij een lokale kerkorganist brachten Satie naar het Parijse Conservatorium waar hij in 1882 wegens onvoldoende kwaliteiten weer vanaf werd gestuurd. Een korte periode in militaire dienst werd gevolgd door de publicatie van zijn eerste pianowerken en een bohémienachtig bestaan. Hij hoorde voor het eerst Oosterse muziek tijdens de Parijse Wereldexpositie in 1889, ontmoette Debussy en raakte geïnteresseerd in een reeks van filosofische en religieuze organisaties. De Rozenkruisers met name trokken zijn aandacht en Satie raakte onder de invloed van Joseph Péladan, die in 1888 een sekte oprichte onder de naam Katholieke Rozenkruisers van de Tempel en de Graal. Satie en Péladan gaven naar verluid samen preken waarin religieuze dogma’s en de -dan ook bij Satie sterk levende- Wagnercultus met elkaar verbonden werden in een uitzinnige rite. De pianowerken die Satie in deze periode schrijft, tonen niet altijd direct een verband met de orde van de Rozenkruisers maar wel is steeds die esoterische verering van kunst en mysterie voelbaar.
Satie hield zo van de Prélude de la porte héroïque du ciel, door velen gezien als Satie’s meest geslaagde werk in deze periode, dat hij het aan zichzelf opdroeg. Hij schreef het werk echter voor een ander doel: het was bedoeld om een toneelstuk te begeleiden van de occultist Jules Bois, eveneens een volger van Péladan. Debussy zou overigens enige tijd later een aanbod afslaan om de muziek voor Les Noces de Sathan van deze Jules Bois afslaan. Het verhaal van La Porte heroique du ciel handelt over Christus, een dichter, de Maagd Maria en de Isiscultus. De dichter wordt door Christus op pad gestuurd om de Maagd Maria ter vervangen door de Isiscultus. Deze bizarre vermeninging van Egyptische en Christelijke mythologie werd door sommigen als blasfemisch betiteld, anderen zagen er een mild ironische studie naar religieuze sentimentaliteit in. Satie gebruikt in dit fraaie, korte werk 17 afzonderlijke motieven die zowel modale als tonale harmoniën tot stand brengen, waarbij een zorgvuldig geconstrueerde cadens als grondplan van het stuk fungeert.

Advertenties

0 Responses to “Erik Satie – Prélude de la porte héroïque du ciel (1894)”



  1. Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s




Geerts Twitter

Deze site


%d bloggers liken dit: