De klank van een hoorntrio is zo karakteristiek en rijk aan expressiemogelijkheden dat het een mirakel is dat niet meer componisten na Brahms zich aan deze bezetting gewaagd hebben. Wellicht is het beste werk voor deze bezetting sinds Brahms’ Trio van György Ligeti, die meer dan 100 jaar later een hommage schreef aan het hoorntrio van de oude romanticus. Met Pierre Boulez, Luciano Berio, Karl-Heinz Stockhausen en John Cage bepaalde György Ligeti in belangrijke mate het gezicht van de muzikale avant-garde van de twee helft van de vorige eeuw. Belangrijk verschil met de anderen is dat Ligeti er in slaagde populaire, veelgespeelde muziek te componeren waar de anderen moeite hadden hun muziek door een groot publiek geaccepteerd te krijgen. Ligeti was net als Béla Bartók en Zoltán Kodály van Hongaarse origine en deelde met zijn landgenoten een fascinatie voor de kleurrijke volksmuziek van de Balkan. In de jaren ’50 en ’60 ontwikkelt Ligeti een eigen stijl met werken als Apparitions en Atmosphères waarin hij chromatische clusters gebruikt: wolken van een grote hoeveelheid tonen die een ondoordringbare klank produceren, waaraan ritme, melodie en harmonie ondergeschikt zijn geworden. Klank en textuur zijn de kernwoorden van de muziek van Ligeti, door hem aangeduid als ‘micropolyfonie’.
Geboren in 1923 beleeft de jonge Ligeti de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog zéér bewust. Omdat hij jood was mag hij onder het Nazigezinde regime niet aan de Universiteit studeren en belandt daarom in 1941 op het conservatorium in Kolozsvar. In 1944 wordt hij opgepakt en naar een werkkamp gestuurd terwijl veel van zijn familieleden naar Auschwitz worden gestuurd. In 1949 studeert Ligeti af aan de Academie voor Muziek in Budapest, verdiept zich een aantal jaren in de volksmuziek en componeert onopvallende muziek vanwege de strenge beperkingen die het communistische regime in die tijd oplegt aan de meeste kunstenaars. In 1956, tijdens de beroemde Hongaarse opstand vlucht György Ligeti samen met zijn vrouw naar Wenen.
Hij is één van de pioniers die vanaf 1957 werkt in de beroemde studio voor electronische muziek in Keulen, geeft drukbezochte lezingen en compositieles in Darmstadt en componeert originele, eigenzinnige stukken die hem geleidelijk aan in het centrum van de aandacht van de muziekwereld brengen. Zijn beroemdste werk is wellicht de grootse opera Le Grand Macabre uit 1977 dat hij jaren later zou herschrijven. Nadien valt Ligeti’s bron enigzins stil: het vele werk aan de uiterst complexe, eclectische muziek van Le Grand Macabre maakt dat hij twijfels krijgt over de richting van zijn artistieke toekomst. Nieuwe inspiratie verkrijgt Ligeti echter bij de muziek van Conlon Nancarrow, traditionele slagwerkmuziek uit de Sahara en een studie naar wiskundige processen in ‘fractals’ (iets wat is opgebouwd uit delen die min of meer gelijkvormig zijn met die figuur zelf).
Ligeti voltooit het Trio in 1982 en het is het eerste substantiële werk van zijn hand sinds Le Grand Macabre. Het stuk is in alle opzichten een studie naar extremen, in bereik, dynamiek en tempo en vraagt daarom veel van de musici, zoals dat overigens eerder regel dan uitzondering is met de virtuoze componeerstijl van Ligeti. Het Trio bracht Ligeti voldoende inspiratie om weer verder te componeren: de geweldige Études van 1985 en het Pianoconcert uit 1986 zijn stukken die vanuit dezelfde componeerstijl zijn ontwikkeld als dit Trio.
Naast Brahms’ werk relateert dit Trio van Ligeti nadrukkelijk aan de muziek van Chopin en Schumann en dan specifiek de wijze waarop tempo en ritme gebruikt worden. Eén van Ligeti’s uitgangspunten voor dit stuk is het idee dat een melodische lijn een eigen karakteristieke ritmische signatuur heeft. Het eerste deel van het Trio is behoedzaam en bij vlagen mysterieus. De hoorn en de viool dragen hier elk distincte melodische lijnen, contrasterend in tempo. Hoewel de ritmiek die dat oplevert complex is, is de resulterende melodische en harmonische taal van het geheel relatief eenvoudig. De trage, voortslepende bewegingen brengen enkele sterke momenten voort waarin de piano nadrukkelijk het voortouw neemt in traag dalende akkoorden, soms eindigend in de sonore diepte van het laagste register.
Na de trage bewegingen van het eerste deel neemt de motorische ritmiek die Ligeti ontdekte in Afrikaanse muziek en de ‘player piano’ klanken van Conlon Nancarrow in de twee opvolgende delen de leiding. Het tweede deel met name (Vivacissimo molto ritmico), vergt ritmisch het uiterste van de spelers. Het is een bijna jazzy escapade in virtuoos samenspel. Een continuë puls van achtsten domineert het stuk. Doordat Ligeti deze puls op verschillende manieren opdeelt in groepen van 2 of 3, ontstaan er schijnbaar steeds nieuwe ritmes. Het deel begint mysterieus met dunne pizzicati en ijle gepuncteerde akkoorden op de piano. Dan zet een onregelmatige, zichzelf meedogenloos herhalende, stijgende baslijn in (om de rest van het stuk ook niet meer te verdwijnen) en ontvouwt zich een alsmaar rijker wordend klankenspectrum dat ritmisch vibreert op de voorsnellende tijd. Deze techniek met name zal Ligeti in zijn Études verder uitbouwen.
Het derde deel –Alla Marcia– start met een haperend ritmische unisonobeweging die geleidelijk aan uit fase met zichzelf raakt. Ook hier is het belangrijkste muzikale onderwerp het verschuiven van tijdspatronen tegen opzichte van elkaar. In de meer lyrische sectie in het midden van deze merkwaardige mars, horen we de drie instrumenten elk met een eigen frasering vooral dalende melodische spelen met elk een eigen lengte.
De finale van het werk is een treurzang gebaseerd op de rouwmuziek uit verschillende Oost-Europese culturen. Vanzelfsprekend is de teneur van de melodieën ook hier dalend. Ligeti bereikt hier -in een weer nieuwe toepassing van het combineren van melodische lijnen met verschillende lengtes- een totaal andere expressie. Bedachtzame, ijle klanken van de viool en de piano en soms de hoorn brengen een ijzingwekkende, intense atmosfeer van rouw en diepe introspectie tot stand die sprakeloos maakt.

Advertenties

0 Responses to “György Ligeti – Trio (1982)”



  1. Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s




Geerts Twitter

Deze site


%d bloggers liken dit: